Mensen hebben veel angstige gedachten, die niet op
acuut gevaar zijn gebaseerd, maar op wat er ooit gebeurde en nog wel eens zou
kunnen gebeuren. Het is dan gepieker. We worden bang als we in die gedachten geloven en ons ermee
identificeren of vereenzelvigen. De uitspraak “ik ben bang”, betekent eigenlijk
dat we onszelf al met die angstige gedachten hebben vereenzelvigd. Beter is te
zeggen: ik heb angstige gedachten waarin ik ben gaan geloven en dat hoeft
helemaal niet. Dit stopt al meteen de identificatie ermee.
Je kan angstreacties namelijk niet bestrijden als je er diep
in gelooft, dit zal eerder de identificatie met je angsten versterken, je kan
niet tegen angsten vechten of ervan wegvluchten. Je kan angst alleen aanpakken
door de oorzaak aan te pakken, namelijk de onderliggende angstige gedachten
waarin je bent gaan geloven. Angst en de bijbehorende stressreacties zijn
alleen geschikt voor acuut en fysiek gevaar, maar in andere gevallen, bij piekeren, ondermijn
je jezelf ermee.
Dus hoe begin je met het aanpakken van je angsten. Schrijf eens
alle negatieve ‘ik-statements’ die je regelmatig maakt op, gekoppeld aan wat
jij meestal als oorzaak van jouw angsten beschrijft. Bijvoorbeeld ik ben bang
voor honden, ik ben bang voor ziekte, ik ben bang voor afwijzing. Vervang die uitspraken
zoals hierboven beschreven eerst door: ik heb angstige gedachten over honden, over
ziekte, over afwijzing, waarin ik ben gaan geloven en dat hoeft helemaal niet.
Vraag je vervolgens nuchter af, is er op dit moment een hond
die wilt bijten, ben je nu zo ziek dat je kan sterven, staat er nu iemand voor
je die zich afwijzend gedraagt? Als dat niet het geval is, zit de angst puur in
je hoofd. Dan ben je angstgedachten aan het herhalen en hiermee jouw geloof
erin aan het versterken, dus de identificatie ermee aan het versterken. Die
gedachten zijn niet je werkelijkheid, maar je gedraagt je alsof ze echt zijn en
of JIJ je angsten bént.
Je kan ook nog een bemoedigende gedachte toevoegen.
Bijvoorbeeld, ik zal op het moment dat een hond aanvalt, ik ziek word, of als
iemand me afwijst, precies weten wat ik moet doen. Bij acuut gevaar zullen mijn
stressreacties zorgen dat ik vecht of vlucht en dus overleef. Bij andere problemen
en gevaren heb ik altijd nog mijn gezonde verstand om ze zelf op te lossen of om
hulp te vragen. Dus ik hoef me er op dit moment helemaal niet meer bezig te
houden en kan me richten op plezierige dingen in mijn leven.
Zodra je toch weer bang wordt en gaat piekeren, laat je
eerst weer de identificatie los, door te zeggen dat het slechts gedachten zijn waarin
je gelooft en dat je dit niet hoeft te doen. Dan zo nodig de rest weer.
Het is ook een kwestie van volhouden, want onze maatschappij
cultiveert graag angstgedachten en de identificatie ermee. Kortom, we hebben
onszelf jarenlang getraind erin. Nu dien je te gaan trainen om die angstgedachten
en de identificatie ermee los te laten. Want ze zijn nergens voor nodig en maken
je onnodig gestrest en ongelukkig.
Posted by Renée Merkestijn. Posted In : Praktisch